Wilde planten in Nederland en België

Wilgkoeienoog - Buphthalmum salicifolium

Frysk:

English: Yellow ox-eye

Français: Oeil-de-boeuf à feuilles de saule

Deutsch: Ochsenauge

Synoniemen: Koeienoog

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Buphthalmum is afgeleid van het Griekse bous (rund) en ophthalmos (oog). Salicifolium betekent bladen gelijkend op die van Salix (wilg).

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Overblijvend.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Juni t/m september.

Afmeting: 20-70 cm.


Petr1888 -
CC BY-SA 3.0


Teun Spaans -
CC BY 2.5


Stef1432 -
GPL


Meneerke bloem -
CC BY-SA 3.0

Wortels


  Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


  Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


  Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0


  Neuchâtel Herbarium -
CC BY-SA 3.0

Stengels: De rechtopstaande stengels zijn al of niet vertakt en matig behaard.


OhWeh -
CC BY-SA 2.5


Teun Spaans -
CC BY 2.5


Tigerente -
CC BY 2.5


Udo Schmidt -
CC BY-SA 2.0

Bladeren: De bladen staan verspreid. De onderste zijn lancetvormig en gesteeld, de bovenste langwerpig tot lijn-lancetvormig en zittend. Alle bladen zijn spits, gaaf of iets getand en zijdeachtig behaard.


Stefan.lefnaer -
CC BY-SA 4.0


Benjamin Zwittnig -
CC BY 2.5 si


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0

Bloemen: De alleenstaande (aan het eind van de bloeistengel), heldergele bloemhoofdjes zijn 3-6 cm, met lange straalbloemen (2-3 mm breed), talrijke buisbloemen en iets behaarde, lancetvormige omwindselbladen.


breki74 -
CC BY-SA 2.0


Teun Spaans -
CC BY 2.5


Teun Spaans -
CC BY 2.5


Stef1432 -
GPL

Vruchten: De randstandige nootjes zijn gevleugeld-driekantig. Tweezaadlobbig.


Andrea Moro - dryades.units.it/cercapiant -
CC BY-SA 4.0


Thierry Pernot - tela-botanica.org -
CC BY-SA 2.0 FR


Dieter Albrecht -
CC BY-SA 4.0


Elio Giacone -
CC BY-NC 4.0

Biotoop

Bodem: Zonnige tot vaak licht beschaduwde plaatsen op vochtige, stikstofrijke, kalkrijke, stenige grond.

Groeiplaatsen: Grasland (kalkgrasland), bosranden, bossen (lichte bossen, loofbossen nabij parken) en rotsachtige plaatsen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit berggebieden in Oost-Europa en de Balkan. Elders in Europa plaatselijk ingeburgerd.

Nederland: Zeer zeldzaam. Niet ingeburgerd.

Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Minstens sinds de jaren 60 van de vorige eeuw aanwezig in het Zoniënwoud. Ook in Waardamme (Oostkamp) is een grote populatie aanwezig in een voormalig parkdomein.
Wallonië:
Zeer zeldzaam in de zuidelijke Ardennen.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885)


Botanischer Bilderatlas nach De Candolle's Natürlichem Pflanzensystem, Carl Hoffmann (1884)


Pflanzenleben des Schwarzwaldes, Friedrich Oltmanns (1927)


Genera plantarum florae germanicae, Conspectus, deel 5, T.F.L. Nees von Esenbeck (1845)


Florae Austriaceae, deel 4, N.J. von Jacquin (1776)


Atlas der Alpenflora, Anton Hartinger (1882)

2001-2022 K.M. Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL