Wilde planten in Nederland en België

Nederlandse namen

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Z

Vingerhoedskruid - Digitalis purpurea

Andere namen

Frysk: Dopkeblom

English: Foxglove

Français: Digitale pourpre

Deutsch: Roter Fingerhut

Verouderde of andere namen: Gewoon vingerhoedskruid, Echt vingerhoedskruid

Classificatie

Klasse: Spermatopsida

Orde: Lamiales

Familie: Plantaginaceae (Weegbreefamilie)

Geslacht: Digitalis (Vingerhoedskruid)

Soort: Digitalis purpurea

Naamgeving (Etymologie): De geslachtsnaam kreeg de plant in 1542 van de Duitse botanicus Leonhard Fuchs. Digitalis is afgeleid van het Latijnse digitus (vinger) of digitale (vingerhoed), naar de vorm van de bloemkroon (evenals de Nederlandse naam). Purpurea betekent purperkleurig.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig of meerjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Hemikryptofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni, juli, augustus, september en oktober.

Afmeting: 50-180 cm.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Wortels


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Stengels: De rechtopstaande, ronde en holle  stengel is niet of alleen aan de voet vertakt. Op de stengel groeien korte, zachte haren.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bladeren: De langwerpige bladen zijn gekarteld tot gezaagd, aan de voet wigvormig versmald en van onderen grijsharig. De rozetbladen en de onderste verspreidstaande  stengelbladen zijn gesteeld en worden tot ruim 40 cm lang. De bovenste stengelbladen zijn kleiner en niet gesteeld.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemen groeien in de oksels van kleine schutbladen in een naar één kant gekeerde lange tros,  bovenaan  de  bloeistengel. De vele  knikkende bloemen zijn 4-5 cm, buisvormig tot klokvormig, lichtpaars met donkerrode, witgerande vlekken of soms helemaal wit, aan de buitenkant kaal en van binnen gebaard. De kelkbladen  van de vijfslippige vergroeide kelk, zijn aan de buitenkant met haren begroeid. Het bovenstandig vruchtbeginsel  is tweehokkig.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Vruchten: Een doosvrucht. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar). Tweezaadlobbig.


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL


Klaas Dijkstra - CC BY-NC-SA 3.0 NL

Biotoop

Bodem: Licht beschaduwde tot zonnige, iets open plaatsen op vochtige tot droge, matig voedselrijke tot voedselrijke, vrij stikstofrijke, vaak zwak zure, kalkarme grond (zand, leem en stenige grond).

Groeiplaatsen: Bossen (open plekken in loofbossen en bergwouden), bosranden, struwelen, houtwallen, brandplekken, stormvlakten, kapvlakten, omgewerkte grond (beschaduwde plaatsen), braakliggende grond, langs spoorwegen, plantsoenen en tussen straatstenen.

Verspreiding

Wereld: Noord-Afrika (Marokko), op Madeira, Corsica en Sardinië en in West-Europa. Noordelijk tot in Midden-Noorwegen en Zuid-Zweden. Ingeburgerd in o.a. het zuiden van Alaska, Argentinië, Chili, Costa Rica, Ecuador, Colombia, Nieuw-Zeeland en Australië.


gbif.org

Nederland: Oorspronkelijk alleen wild in Zuid-Limburg, in de zuidelijke Achterhoek, in de zuidoostelijke Veluwezoom en in Noordoost-Fryslân. Elders verwilderd en ingeburgerd.
Rode lijst 2012. Thans niet bedreigd. Trend sinds 1950: stabiel of toegenomen. Algemeen. Oorspronkelijk inheems.


verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Algemeen. Sterk toegenomen, met name in de Kempen. Zeldzaam of ontbrekend in het kustgebied.
Rode lijst. Thans niet bedreigd.


Wallonië: Algemeen in het Maasgebied en in de Ardennen. Het meest ten zuiden van de lijn Samber en Maas.

Wetenswaardigheden en toepassingen

Van de bloemen vertelde men vroeger dat het zitplaatsen voor vermoeide elfjes waren. De elfjes zouden de bloemen magische krachten hebben gegeven, zodat dieren, vooral vossen, deze als 'handschoenen' konden dragen. Door het dragen van deze handschoenen konden de dieren geluidloos met elkaar communiceren.
In de Middeleeuwen werd het kruid door zijn giftigheid, nauwelijks toegepast. Later werd Vingerhoedskruid gebruikt bij hartklachten en als vochtafdrijvend middel. In de plant komt de stof digitaline voor, dat gebruikt wordt om de hartwerking te verbeteren. Gedroogd en tot poeder vermalen blad is, in de juiste dosering, zeer geschikt om stoornissen in de hartslag te verhelpen (maar leidt in te hoge dosis tot hartverlamming). In tal van landen wordt Vingerhoedskruid voor de farmacie verbouwd. Vingerhoedskruid is zo giftig dat zelf experimenteren erg gevaarlijk is.
Het optreden van witbloemige exemplaren op een vindplaats is een teken dat het om nakomelingen van tuinplanten gaat. Het vrijwel ontbreken van witbloemige planten in het wild wordt toegeschreven aan hun geringere zaadproduktie.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Batava, deel 11, Jan Kops en P. M. E. Gevers Deijnoot (1853)


Flora Batava, deel 11, Jan Kops en P. M. E. Gevers Deijnoot (1853)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 4 (1800)


Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 4 (1800)


Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm (1796)


Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885-1905)


Flora Danica, Georg Christian Oeder e.a. (1761-1883)

 

© 2001-2018 K.M. Dijkstra