Klaas Dijkstra

Noords walstro
Galium boreale


Klik op een afbeelding om te vergroten.


Douglas Goldman - cc by-sa 4.0

In het kort.

  • Noords walstro of Galium boreale is een soort uit de Sterbladigenfamilie (Rubiaceae).
  • Het is een overblijvende, 15-50 cm hoge plant.
  • De stijf rechtopstaande stengels zijn vierkantig.
  • De dikke, langwerpige bladen met een stompe top staan in kransen van vier. Ze hebben een omgerolde rand en drie evenwijdig lopende nerven.
  • Noords walstro bloeit van juni t/m augustus.
  • Langwerpige, eindelingse bloeiwijzen met witte of geelachtige, viertallige, 3-5 mm grote bloemen.
  • Bruine, 1½-2 mm lange splitvruchten met vaak korte, haakvormige borstels.
  • Noords walstro groeit op zonnige, soms half beschaduwde plaatsen op vochtige of natte, matig voedselrijke, vaak kalkhoudende grond.
  • Groeiplaatsen zijn o.a. bosranden, struwelen, hooiland, heideranden, langs beken, spoorbermen, puinhellingen, grindafzettingen en rotsachtige plaatsen.
  • Noords walstro komt voor in koudere en koel-gematigde streken op het noordelijk halfrond. In de zuidelijke helft van Europa hoofdzakelijk in gebergten.
  • In Nederland en België is deze soort zeer zeldzaam inheems.

Uitgebreide beschrijving

Frysk

English Northern Bedstraw

Français Gaillet boréal

Deutsch Nordisches Labkraut

Synoniemen

Familie Rubiaceae (Sterbladigenfamilie)

Naamgeving (Etymologie) Walstro komt van wiegstro (wal betekent wieg). Walstrosoorten werden vroeger gebruikt (als stro) in wiegen. Galium komt van het Griekse gala (melk). Vroeger werden deze planten gebruikt om melk te stremmen (kaasbereiding). Boreale betekent noordelijk of noords.

Levensduur Overblijvend.

Plantvorm Hemikryptofyt.

Hoofdbloei Juni t/m augustus.

Afmeting 15-50 cm.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas


Adrie van Heerden - verspreidingsatlas


Benjamin Zwittnig - cc by 2.5 si


Benjamin Zwittnig - cc by 2.5 si

Wortels


hasbrouck.asu.edu - cc by-nc 3.0


midwestherbaria.org - cc by-nc 3.0


swbiodiversity.org - cc0-1.0


herbariaunited.org

Stengels De stijf rechtopstaande stengels zijn vierkantig en kaal of kort behaard.


© Theo Muusse - verspreidingsatlas


Iifar - cc by-sa 3.0


Benjamin Zwittnig - cc by 2.5 si


Matti Virtala - cc0

Bladeren De donkergroene bladen zijn langwerpig, dik en staan in kransen van vier. Ze hebben een stompe top, een omgerolde rand (vooral nabij de top) en drie forse evenwijdig lopende nerven. Ze zijn meestal onder het midden het breedst. De bladen worden niet zwart bij verdroging.


© Peter Meininger - verspreidingsatlas


© Theo Muusse - verspreidingsatlas


Salicyna - cc by-sa 4.0


Jerzy Strzelecki - cc by-sa 4.0

Bloemen Tweeslachtig. De bloemen groeien in langwerpige, eindelingse bloeiwijzen. Ze zijn wit of geelachtig, viertallig en 3-5 mm lang. De helmknoppen zijn geelachtig.


© Grada Menting - verspreidingsatlas


Jacob W. Frank - cc by 2.0


Aaron Carlson - cc by-sa 2.0


Benjamin Zwittnig - cc by 2.5 si

Vruchten en zaden De bruine splitvruchten worden 1½-2 mm lang en hebben korte, haakvormige borstels, maar ze kunnen ook kaal zijn. De zaden zijn zeer kortlevend (korter dan één jaar). Tweezaadlobbig.


Séraphin Poudrier - cc by-nc 4.0


Séraphin Poudrier - cc by-nc 4.0


Stefan Lefnaer - cc by-sa 4.0


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem Zonnige, soms half beschaduwde plaatsen op vochtige of natte, matig voedselrijke, vaak kalkhoudende grond (rivierklei, leem, veen en stenige plaatsen).

Groeiplaatsen Bosranden, struwelen, hooiland, hooiweiden, nat licht bemest grasland, heideranden, langs beken, spoorbermen, puinhellingen, grindafzettingen en rotsachtige plaatsen.

Verspreiding

Wereld Koudere en koel-gematigde delen op het noordelijk halfrond. In de zuidelijke helft van Europa hoofdzakelijk in gebergten. Zeer zeldzaam in de Noordwest-Europese laagvlakte.

Nederland Inheems. Zeer zeldzaam.

België Inheems. Zeer zeldzaam.

2001-2026 K.M. Dijkstra - cc by-sa 4.0