Kompassla - Lactuca serriola

Frysk: Kompasslaad

English: Prickly Lettuce

Français: Laitue scariole

Deutsch: Kompaß-Lattich

Synoniemen: Lactuca scariola

Familie: Asteraceae (Composietenfamilie)

Naamgeving (Etymologie): Lactuca komt van lac (melk) en duco (voeren), naar het melksap, dat de planten bevatten. Serriola betekent zaagje.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Eenjarig of tweejarig .

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Therofyt of hemikryptofyt.

Hoofdbloei: Juli t/m november.

Afmeting: 60-120(-200) cm.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer - cc by-sa 4.0

Wortels: De penwortel kan meer dan 1 meter lang worden.


Neuchâtel Herbarium - cc by-sa 3.0


Neuchâtel Herbarium - cc by-sa 3.0


Neuchâtel Herbarium - cc by-sa 3.0


Neuchâtel Herbarium - cc by-sa 3.0

Stengels: De soms paars aangelopen, stijf rechtopstaande stengels zijn gestekeld (ongeveer 2 mm lange, stevige stekels), niet behaard en zien er vaak iets wittig uit. De middennerf is (vaak) bleekgroen. Ze zijn boven in de bloeiwijze vertakt. Stengels met wit melksap, dat na korte tijd gelig verkleurt.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Peter Meininger - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


UuMUfQ - cc by-sa 3.0

Bladeren: De blauwachtig groene bladen zijn iets leerachtig en vaak een kwartslag gedraaid (de bovenste helft vertikaal staand). Ze zijn langwerpig-eirond en veerlobbig (veerspletig) of niet gedeeld. De rand en de middennerf zijn aan de onderkant stekelig (ruim 2 mm). De verspreidstaande bovenste, meestal langwerpige bladen staan verticaal. Ze zijn gelobd en stengelomvattend.


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl


© Bert Verbruggen - verspreidingsatlas.nl


Danny S. - cc by-sa 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. De bloemhoofdjes vormen samen een smalle of pyramidevormige pluim. De lichtgele hoofdjes met alleen lintbloemen zijn 1,1-1,3 cm. Het vruchtbeginsel is onderstandig met een stijlen twee stempels.


© Adrie van Heerden - verspreidingsatlas.nl


© Willem Braam - verspreidingsatlas.nl


© Bert Verbruggen - verspreidingsatlas.nl


© Bert Verbruggen - verspreidingsatlas.nl

Vruchten en zaden: Een eenzadige dopvrucht of nootje. De zaden zijn eerst witachtig, maar worden bruin als ze rijp zijn. Vaak zijn ze gevlekt en ongeveer 1 mm breed en 3 mm lang (zonder snavel en pappus). Aan de top zijn ze kort borstelharig en ze hebben een ongeveer even lange snavel. Met vruchtpluis. De zaden zijn kortlevend (één tot vijf jaar). Tweezaadlobbig.


© Bert Verbruggen - verspreidingsatlas.nl


Stan Shebs - cc by-sa 3.0


Philmarin - cc by-sa 3.0


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem: Zonnige, open plaatsen (pioniervegetatie) op matig droge tot vochtige, matig voedselrijke tot zeer voedselrijke, vaak kalkhoudende of kalkrijke, omgewerkte grond (zand, klei, mergel en stenige grond).

Groeiplaatsen: Bermen (omgewerkte plaatsen), braakliggende grond, opgespoten grond, zeeduinen, langs spoorwegen (spoorbermen en spoorwegterreinen), tussen straatstenen, aan de voet van muren, afgravingen (zand- en kleigroeven), industrieterreinen, haventerreinen, ruderale plaatsen, plantsoenen, dijken (verstoorde plaatsen), ruigten (kalkrijke ruigten, ruigten in hoge delen van uiterwaarden, o.a. bij steenfabrieken) en waterkanten (rivieroevers en basaltglooiingen).

Verspreiding

Wereld: Vermoedelijk komt Kompassla oorspronkelijk uit Zuidwest-Azië en Zuidoost-Europa (een steppeplant).

Nederland: Archeofyt. Algemeen.

Vlaanderen: Archeofyt. Algemeen.

Wallonië: Archeofyt. Vrij algemeen.

Wetenswaardigheden

Kompassla is nauw verwant aan de bladgroente Sla. Behalve in hun blad verschillen beide in de vorm van de pluim, die bij Sla het uiterlijk van een tuil heeft, dus van boven afgeplat is. Voorts heeft Sla talrijke, opvallend gekromde, breed hartvormig-eironde schutbladen aan de pluimtakken.

©2001-2022 Klaas Dijkstra - cc by-nc-sa 3.0 nl