Klaas Dijkstra

Klein glidkruid
Scutellaria minor


Klik op een afbeelding om te vergroten.


Stemonitis - cc by-sa 3.0

In het kort.

  • Klein glidkruid of Scutellaria minor is een soort uit de Lipbloemenfamilie (Lamiaceae).
  • Het is een eenjarige of overblijvende, 5-25 cm hoge plant.
  • De vrijwel liggende of opstijgende stengels zijn aan de voet vertakt.
  • De bladen zijn driehoekig-eirond en met een afgeronde of hartvormige voet.
  • Klein glidkruid bloeit van juni t/m oktober.
  • De meestal 0,6-0,7 cm grote bloemen zijn van buiten vrijwel wit en van binnen roze, met op de onderlip een honingmerk.
  • Klein glidkruid groeit op zonnige of meestal half beschaduwde, vrij open plaatsen op vochtige of vaak natte, voedselarme zwak zure, humusrijke grond.
  • Groeiplaatsen zijn o.a. moerassig schraalland. beekdalhooiland, natte heide, moerasbossen, langs natte bospaadjes en greppels.
  • Klein glidkruid komt oorspronkelijk uit West- en Zuidwest-Europa.
  • In Nederland en België is deze inheemse plant zeldzaam.

Uitgebreide beschrijving

Frysk Lyts blaulipke

English Lesser Skullcap

Français Petite scutellaire

Deutsch Kleines Helmkraut

Synoniemen

Familie Lamiaceae (Lipbloemenfamilie)

Naamgeving (Etymologie) Scutellaria betekent schoteltje (naar het napvormig aanhangsel). Minor betekent kleiner.

Kruising Klein glidkruid kan een bastaard vormen met Blauw glidkruid (Scutellaria x hybrida of Scutellaria x nicholsonii).

Levensduur Overblijvend of eenjarig.

Plantvorm Hemikryptofyt of helofyt.

Hoofdbloei Juni t/m oktober.

Afmeting 5-25 cm.


© Willem Braam - verspreidingsatlas


JoopVerburg - verspreidingsatlas


Hans Boll - freenatureimages.eu


bertrant.bui - cc by-sa 2.0 fr

Wortels


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org


herbariaunited.org

Stengels De vrijwel liggende of opstijgende stengels zijn aan de voet vertakt.


JoopVerburg - verspreidingsatlas


Rasbak - Public Domain


Malcolm Storey - cc by-nc-sa-2.0 uk


Malcolm Storey - cc by-nc-sa-2.0 uk

Bladeren De bladen zijn driehoekig-eirond en hebben een afgeronde of hartvormige voet. Ze hebben een gave rand of je ziet aan beide kanten één tot drie ondiepe (afgeronde) tanden aan de voet. Ze zijn ongesteeld of heel kort gesteeld.


Rasbak - Public Domain


bertrant.bui - cc by-sa 2.0 fr


David Mercier - cc by-sa 2.0 fr


Malcolm Storey - cc by-nc-sa-2.0 uk

Bloemen Tweeslachtig. De 0,6-0,7 (-1) cm grote bloemen zijn van buiten vrijwel wit en van binnen roze. Op de onderlip zie je een honingmerk (donkerder stipjes). Ze hebben een vrijwel rechte kroonbuis.


JoopVerburg - verspreidingsatlas


Emmanuel Stratmains - cc by-sa 2.0 fr


Hans Dekker - freenatureimages.eu


bertrant.bui - cc by-sa 2.0 fr

Vruchten en zaden Een splitvrucht. Tweezaadlobbig.


Emmanuel Stratmains - cc by-sa 2.0 fr


Malcolm Storey - cc by-nc-sa-2.0 uk


Sylvain Piry - cc by-sa 2.0 fr


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem Zonnige of meestal half beschaduwde, vrij open plaatsen op vochtige tot vaak natte, voedselarme, onbemeste, zwak zure, humusrijke grond (zand, leem, zure klei en veen).

Groeiplaatsen Moerassig schraalland. beekdalhooiland, natte heide, natte bossen, langs natte bospaadjes en greppels, moerasbossen langs beekjes en afgesneden Maasmeanders, moerassen en waterkanten.

Verspreiding

Wereld Oorspronkelijk uit West- en Zuidwest-Europa.

Nederland Inheems. Zeldzaam.

België Inheems. Zeldzaam.

2001-2026 K.M. Dijkstra - cc by-sa 4.0