Klaas Dijkstra

Fijn hoornblad
Ceratophyllum submersum


Klik op een afbeelding om te vergroten.


Stefan Lefnaer - cc by-sa 4.0

In het kort.

  • Fijn hoornblad of Ceratophyllum submersum is een soort uit de Hoornbladfamilie (Ceratophyllaceae).
  • Het is een overblijvende, 30-60 cm lange waterplant.
  • Een ondergedoken plant zonder wortels.
  • De stengels worden gemiddeld een ½ meter lang.
  • De tot 3 cm lange bladen staan in kransen en zijn drie of soms vier keer gaffelvormig vertakt.
  • Fijn hoornblad bloeit in juni en juli.
  • Vrouwelijke bloemen zijn geelgroen en de mannelijke zijn iets lichter van kleur.
  • Wrattige vruchten zonder stekels aan de voet en met aan de top een kleine uit de stijl ontstane doorn.
  • Fijn hoornblad groeit op zonnige, warme plaatsen in helder, stilstaand, zoet of brak, voedselrijk water.
  • Groeiplaatsen zijn o.a. veedrinkpoelen, vijvers, duinplassen, beken, kanalen en brede sloten.
  • Fijn hoornblad komt voor van West-Europa tot in Midden-Azië, met enkele onderbrekingen.
  • In Nederland is deze inheemse waterplant vrij zeldzaam, in België zeldzaam.

Uitgebreide beschrijving

Frysk Ljocht hoarnblêd

English Soft Hornwort

Français Cornifle submergé

Deutsch Zartes Hornblatt

Synoniemen Ongedoornd hoornblad

Familie Ceratophyllaceae (Hoornbladfamilie)

Naamgeving (Etymologie) Ceratophyllum is afgeleid van het Griekse ceras (hoorn) en phyllon (blad). De naam slaat op de hardheid van de bladen. Submersum betekent ondergedoken.

Levensduur Overblijvend.

Plantvorm Hydrofyt.

Hoofdbloei Juni en juli.

Afmeting 30-60 cm.


Fice - cc by-sa 3.0


© Peter Meininger - verspreidingsatlas

© Peter Meininger - verspreidingsatlas


Gérard Leveslin - cc by-sa 2.0 fr

Wortels Geen wortels.

Stengels Een ondergedoken plant. De stengels worden gemiddeld een ½ meter lang.

© Peter Meininger - verspreidingsatlas

© Peter Meininger - verspreidingsatlas


Guillaume Moniez - cc by-sa 2.0 fr


Peter meininger - freenatureimages.eu

Bladeren De lichtgroene, ondergedoken bladen staan in kransen. Ze zijn drie of soms vier keer gaffelvormig vertakt, worden tot 3 cm lang en met zes tot acht zachte, lijnvormigde, draadachtige, borstelvormige en iets stekelige, fijngetande slippen.


Kristian Peters - cc by-sa 3.0


Kristian Peters - cc by-sa 3.0


Guillaume Moniez - cc by-sa 2.0 fr


Guillaume Moniez - cc by-sa 2.0 fr

Bloemen Eenslachtig. Eenhuizig. Vrouwelijke bloemen zijn groenachtig (geelgroen) en de mannelijke iets lichter van kleur.

Biopix. JC Schou


Biopix. JC Schou


Gérard Leveslin - cc by-sa 2.0 fr


Rosanne Reitsema - cc by-nc-nd 4.0

Vruchten en zaden Een eenzadige dopvrucht of nootje. De vruchten zijn wrattig, zonder stekels aan de voet. Alleen aan de top zit een kleine uit de stijl ontstane doorn (de stijlrest is korter dan de vrucht). De enigszins kleverige vrucht wordt door het water of door watervogels verspreid. Tweezaadlobbig.


Biopix. JC Schou


CarlaCorazza - cc by-nc 4.0


Stefan Lefnaer - cc by-sa 4.0


©2006 Digital Plant Atlas - cc by-nc-sa 3.0 nl

Biotoop

Bodem Zonnige, warme plaatsen in ondiep tot vrij diep, helder, stilstaand, zoet of brak, voedselrijk, hard water met een minerale tot organische bodem van meestal zeeklei of soms duinzand.

Groeiplaatsen Veedrinkpoelen, vijvers, plassen, duinplassen, beken, kanalen en brede sloten bij boerderijen.

Verspreiding

Wereld Van West-Europa tot in Midden-Azië, met enkele onderbrekingen. Hoofdzakelijk in West- en Midden-Europa.

Nederland Inheems. Vrij zeldzaam.

België Inheems. Zeldzaam.

2001-2026 K.M. Dijkstra - cc by-sa 4.0