Doorwaskervel - Smyrnium perfoliatum

Andere namen

Frysk:

English: Perfoliate Alexanders

Français: Maceron de Crète

Deutsch: Stängelumfassende Gelbdolde

Verouderde namen:

Classificatie

Orde: Apiales

Familie: Apiaceae (Schermbloemenfamilie)

Geslacht: Smyrnium (Zwartmoeskervel)

Soort: Smyrnium perfoliatum

Naamgeving (Etymologie): Smyrnium is een synoniem voor myrrhus of mirre. De vruchtjes ruiken naar die gomhars. Perfoliatum is afgeleid van de Latijnse woorden per (door) en folium (blad), met bladen, waarbij de steel schijnbaar door het blad is gegroeid.

Beschrijving (Klik op een afbeelding om te vergroten).

Levensduur: Tweejarig of meerjarig.

Plantvorm: Kruid.

Winterknoppen: Geofyt.

Bloeimaanden: Mei, juni en juli.

Afmeting: 30-100 cm.


yakovlev.alexey - CC BY-SA 2.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0

Stengels: Het bovenste deel van de plant is licht geelgroen van kleur. Met twee tot vier vleugel-lijsten met kleine onopvallende sterharen.


Salicyna - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0

Bladeren: De gekartelde bladen zijn stengelomvattend. De onderste bladen zijn dubbel drietallig. De bovenste bladen zijn breed eivormig.


Salicyna - CC BY-SA 4.0


Salicyna - CC BY-SA 4.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0

Bloemen: Tweeslachtig. De kroonbladen zijn geel.


Salicyna - CC BY-SA 4.0


Salicyna - CC BY-SA 4.0


Philipp Weigell - CC BY 3.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0

Vruchten: Een splitvrucht. De donkerbruin wordende vrucht is 2-3,5 mm lang, breder dan lang en onduidelijk geribd. De zaden worden als klit of door de wind verspreid. Tweezaadlobbig.


© Koen van Zoest - verspreidingsatlas.nl


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


Salicyna - CC BY-SA 4.0


Meneerke bloem - CC BY-SA 3.0


Stefan.lefnaer - CC BY-SA 3.0


http://dzn.eldoc.ub.rug.nl

Biotoop

Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige tot droge, voedsel- en stikstofrijke, verstoorde en vaak stenige grond.

Groeiplaatsen: Bossen, bosranden, struwelen, ruigten, grazige plaatsen en ruderale terreinen.

Verspreiding

Wereld: Oorspronkelijk uit het oostelijk deel van het Middellandse-Zeegbied. Op veel plaatsen elders in Europa verwilderd en ingeburgerd.

Nederland: Verspreid voorkomend in het hele land. Mogelijk inburgerend.


Verspreidingsatlas.nl

Vlaanderen: Niet ingeburgerd.

Wallonië: Niet ingeburgerd.

Toepassingen

Keuken: De plant smaakt naar selderij. De bladeren, jonge scheuten en bloemknoppen kun je rauw gebruiken in salades of gekookt in soepen of b.v. stoofschotels. De wortels eet je gekookt en hebben een zachte selderijsmaak.

Oude illustraties (Klik op een afbeelding om te vergroten).


Flora Graeca, deel 3, J. Sibthrop, J.E. Smith (1819)


Descriptiones et icones plantarum rariorum Hungariae, deel 1, F. de Paula Adam von Waldstein, P. Kitaibel (1800-1812)


Plantarum seu stirpium icones, deel 1, M. de Lobel (1581)

© 2001-2017 K.M. Dijkstra