| Namen Nederlands: Zilverhaver Frysk: Sulverbjinder English: Silver Hair-grass Français: Canche caryophyllée Deutsch: Nelken-Schmielenhafer Wetenschappelijk: Aira caryophyllea (Aira caryophyllea subsp. multiculmis) Familie: Grassenfamilie, Poaceae (Gramineae) Beschrijving Afmeting: 5 tot 60 cm. Levensduur: Eenjarig. Bloeimaanden: Mei en juni, zelden later. Stengels: De stengels zijn onder de knopen kaal of dragen enkele verspreide korte haartjes. Bladeren: De bladeren zijn eerst grijsgroen. Het tongetje is kaal of draagt alleen bij de voet stekelhaartjes. Bloemen: De aartjes vormen een ijle pluim, die ongeveer even breed als lang is. De pluimtakken zijn lang en staan schuin tot recht (wijd uitstaand) af. Ze zijn pas omstreeks het midden vertakt en vaak in drieën gevorkt. De aartjesstelen zijn voor een deel veel langer dan de aartjes. Biotoop Bodem: Zonnige, open plaatsen op droge, voedselarme tot matig voedselrijke, zwak zure, humushoudende grond (zand, löss en leem). Groeiplaatsen: Bermen, grasland, schraal weiland, akkers, braakliggende akkers, spoorbermen, spoorwegterreinen, zandafgravingen en greppelkantjes. Verspreiding Wereld
 Verspreide gebieden in Afrika en in West-, Midden- en Zuid-Europa. Ingeburgerd in andere werelddelen, o.a. in Noord-Amerika, Chili, Afrika, Zuid-India, Australië en Nieuw Zeeland. Nederland
 Plaatselijk vrij algemeen in Noord-Brabant en in het oosten en midden van het land en vrij zeldzaam in de duinen en in Zuid-Limburg. Elders zeldzaam. Vlaanderen
 Vrij algemeen in de Kempen. Elders vrij zeldzaam tot zeldzaam. Achteruitgaand. Rode lijst. Niet bedreigd. Wallonië: Zeldzamer dan in Vlaanderen. |