| Namen Nederlands: Weideklokje Frysk: Greideklokje English: Spreading Bellflower Français: Campanule étalée Deutsch: Wiesen-Glockenblume Wetenschappelijk: Campanula patula Familie: Klokjesfamilie, Campanulaceae Beschrijving Afmeting: 30 tot 60 cm. Levensduur: Tweejarig of meerjarig. Bloeimaanden: Mei t/m juli. Wortels: De wortels zijn dun. Stengels: De opstijgende of rechtopstaande stengels zijn eveneens dun. Bladeren: De wortelbladeren zijn langwerpig tot spatelvormig. Ze zijn kort gesteeld. De stengelbladen zijn langwerpig en de bladrand is vlak. Bloemen: De bloempluim is los en heeft vrij lange, schuin afstaande zijassen, die naar boven toe breder worden. De bloemen zijn paars tot bleekblauw of zelden wit. Ze zijn 1½ tot 2½ cm groot. De bloemkroon is tot op de helft van de lengte ingesneden. Ze hebben 5 kroonslippen. De kelkslippen zijn smal langwerpig en hebben enkele tanden. De bloemsteeltjes hebben ongeveer in het midden 2 steelblaadjes. Vruchten: De doosvruchten staan rechtop en hebben 10 uitspringende nerven. Biotoop Bodem: Zonnige, soms licht beschaduwde plaatsen op matig droge tot vochtige, matig voedselrijke grond (zand, zavel en klei). Groeiplaatsen: Uiterwaarden, hooiland, vloeiweiden, struikgewas, enigszins ruderale plaatsen, heggen, bermen en bosranden. Verspreiding Wereld
 In West-Azië (de Kaukasus) en Oost- en Midden-Europa, met (tegenwoordig) voorposten in België, Nederland en Engeland. Plaatselijk ook in Zuid-Europa. Nederland
 Zeer zeldzaam langs de Rijn en de Waal. Rode lijst 2. Sterk afgenomen. Beschermd. Vlaanderen
 Zeer zeldzaam ingeburgerd. Weideklokje werd omstreeks 1850 met graszaad ingevoerd vanuit de Italiaanse Alpen in de vloeiweiden bij Lommel. Rode lijst. Criteria niet van toepassing. Beschermd. Wallonië: Zeer zeldzaam. Rode lijst. Erns |