 |
Namen Nederlands: Vingerhoedskruid (Gewoon vingerhoedskruid, Echt vingerhoedskruid) Frysk: Dopkeblom English: Foxglove (Purple foxglove) Français: Digitale pourpre Deutsch: Roter Fingerhut Wetenschappelijk: Digitalis purpurea Familie: Helmkruidfamilie, Scrophulariaceae
Beschrijving Afmeting: 50 tot 180 cm. Levensduur: Tweejarig of meerjarig. Bloeimaanden: Mei t/m oktober. Stengels: De rechtopstaande stengel is niet of alleen aan de voet vertakt. Op de stengel groeien korte, zachte haren. Bladeren: De langwerpige bladeren zijn gekarteld tot gezaagd, aan de voet wigvormig versmald en van onderen grijsharig. De rozetbladeren en de onderste stengelbladeren zijn gesteeld en worden tot ruim 40 cm lang, de bovenste stengelbladeren zijn kleiner en niet gesteeld. Bloemen: De bloemen groeien in de oksels van kleine schutbladen in een naar 1 kant gekeerde lange tros. De knikkende bloemen zijn 4 tot 5 cm groot, buis- tot klokvormig, lichtpaars met donkerrode, witgerande vlekken of soms helemaal wit, aan de buitenkant kaal en van binnen gebaard.
Biotoop Bodem: Licht beschaduwde tot zonnige, iets open plaatsen op vochtige tot droge, matig voedselrijke tot voedselrijke, vrij stikstofrijke, vaak zwak zure, kalkarme grond (zand, leem en stenige grond). Groeiplaatsen: Open plekken in loofbossen, bergwouden, struwelen, bosranden, houtwallen, brandplekken, stormvlakten, kapvlakten, beschaduwde omgewerkte grond, braakliggende grond, langs spoorwegen, plantsoenen en in de voegen van bestrating.
Verspreiding Wereld
 In Noord-Afrika (Marokko), op Madeira, Corsica en Sardinië en in West-Europa. Noordelijk tot in Midden-Noorwegen en Zuid-Zweden. Ingeburgerd in o.a. het zuiden van Alaska, Argentinië, Chili, Costa Rica, Ecuador, Colombia, Nieuw Zeeland en Australië.
Nederland
 Oorspronkelijk alleen wild in Zuid-Limburg, in de zuidelijke Achterhoek, in de zuidoostelijke Veluwezoom en in Noordoost-Fryslân. Elders verwilderd en ingeburgerd.
Vlaanderen
 Algemeen. Sterk toegenomen, met name in de Kempen. Zeldzaam of ontbrekend in het kustgebied. Rode lijst. Niet bedreigd.
Wallonië
.gif) Algemeen in het Maasgebied en in de Ardennen. Het meest ten zuiden van de lijn Samber en Maas.
Wetenswaardigheden Van de bloemen vertelde men vroeger dat het zitplaatsen voor vermoeide elfjes waren. De elfjes zouden de bloemen magische krachten hebben gegeven, zodat dieren, vooral vossen, deze als 'handschoenen' konden dragen. Door het dragen van deze handschoenen konden de dieren geluidloos met elkaar communiceren. De geslachtsnaam kreeg de plant in 1542 van de Duitse botanicus Leonhard Fuchs. Het Latijnse digitus betekent vinger en digitalis betekent in dit verband 'handschoen' of 'vingerhoed'. De soortnaam purpurea duidt op de kleur van de bloemen. In de Middeleeuwen werd het kruid door zijn giftigheid, nauwelijks toegepast. Later werd Vingerhoedskruid gebruikt bij hartklachten en als vochtafdrijvend middel. In de plant komt de stof digitaline voor, dat gebruikt wordt om de hartwerking te verbeteren. Gedroogd en tot poeder vermalen blad is, in de juiste dosering, zeer geschikt om stoornissen in de hartslag te verhelpen (maar leidt in te hoge dosis tot hartverlamming). In tal van landen wordt Vingerhoedskruid voor de farmacie verbouwd. Vingerhoedskruid is zo giftig dat zelf experimenteren erg gevaarlijk is. Het optreden van witbloemige exemplaren op een vindplaats is een teken dat het om nakomelingen van tuinplanten gaat. Het vrijwel ontbreken van witbloemige planten in het wild wordt toegeschreven aan hun geringere zaadproduktie. |