 | Namen Nederlands: Sporkehout (Vuilboom) Frysk: Sprakelhout (Byspilehout) English: Alder Buckthorn Français: Bourdaine Deutsch: Faulbaum Wetenschappelijk: Rhamnus frangula (Frangula alnus) Familie: Wegedoornfamilie, Rhamnaceae Beschrijving Afmeting: 1½ tot 5 meter. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Mei t/m september. Stam: Het hout is geel. De bast is donker paarsbruin. Takken: De zijtakken staan verspreid. Takken zonder dorens. Bladeren: De verspreidstaande bladeren hebben een korte steel. Ze zijn glanzend groen. De jonge bladeren zijn aan de onderkant behaard. De bladeren hebben 7 tot 9 paar nerven, een gave rand en zijn eirond met een toegespitste top en een wigvormige voet. De grootste breedte zit meestal iets boven het midden. Ze zijn 2 tot 5 cm lang. De bladknoppen hebben geen knopschub. Bloemen: De bloemen vormen samen armbloemige kluwens, met 1 tot 10 bloemen, in de oksels van de bovenste bladeren van de jongere takken. De tweeslachtige bloemen zijn 5-tallig en ongeveer 5 mm groot. Ze zijn groenig, van binnen witachtig. Vruchten: De bessen zijn 0,6 tot 1 cm groot. Eerst zijn ze lichtgroen, dan worden ze helderrood en tenslotte zijn ze zwart. Biotoop Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op op vochtige tot natte, maar soms wat drogere, voedselarme, meestal zwak zure tot zure grond. Vaak op plekken met enige ophoping van ruwe humus, maar soms op vrij droge, open zandgrond (zand, leem en veen). Groeiplaatsen: Kreupelhout, heggen, heide, loofbossen, kreupelhout, struwelen, duinen, heide, moerasbossen (open plekken en bosranden), kapvlakten, laagveenmoerassen, niet meer gemaaid veenmosrietland en langs spoorwegen (spoorbermen). Verspreiding Wereld
 In Europa, West-Siberië, de Kaukasus en Noordwest-Afrika. Op een aantal plaatsen ingeburgerd in Noord-Amerika. Nederland
 Algemeen in het oosten en midden en in Zuid-Limburg en vrij zeldzaam in laagveengebieden en in de Hollandse en Zeeuwse duinen. Elders zeer zeldzaam. Vlaanderen
 Zeer algemeen in de Kempen. Elders vrij algemeen, maar zeer zeldzaam in het kustgebied (vrijwel niet in de Polders). Rode lijst. Niet bedreigd. Wallonië: Zeer algemeen in de Ardennen. Elders vrij algemeen. Wetenswaardigheden Sporkehout is een langdurig bloeiende drachtplant voor bijen en levert daarnaast ook lange, dunne, rechte twijgen die als spijlen voor bijenkorven te gebruiken zijn. Hierop slaat de Friese naam 'byspilehout'. Het hout van deze struik bevat weinig anorganisch materiaal en levert daardoor een goede houtskool, bruikbaar als tekenkool. De (verpulverde) houtskool werd veel gebruikt als grondstof voor buskruit en voor het maken van lonten, omdat het gelijkmatig en langzaam opbrandt. Tot na de Tweede Wereldoorlog is het hiervoor gebruikt. Verse bessen en schors veroorzaken braken, maar een uit de gedroogde bast gemaakt laxeermiddel kan veilig worden ingenomen. Aan deze eigenschap dankt hij zijn tweede Nederlandse naam, Vuilboom. Uit de schors maakt men natuurlijke gele of bruine kleurstoffen, terwijl de vruchten groene of blauwgrijze kleurstoffen opleveren. Slagers maakten van het harde, gemakkelijk scherp te maken hout vleespennen en men kapt nog wel bomen voor het maken van bonenstaken. |