| Namen Nederlands: Slipbladige rudbeckia English: Coneflower (Green-headed Coneflower) Français: Rudbeckia lacinié Deutsch: Schlitzblättriger Sonnenhut Wetenschappelijk: Rudbeckia laciniata Familie: Composietenfamilie, Asteraceae (Compositae) Beschrijving Afmeting: 80 tot 200 cm. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Juni t/m oktober. Wortels: Een houtige wortelstok. Stengels: De rechtopstaande stengels zijn bovenaan vertakt. Ze zijn vrijwel kaal en enigszins grijsgroen. Bladeren: De verspreid staande bladeren zijn gesteeld en grof getand tot gaafrandig. De onderste bladeren zijn diep 3 tot 7-delig. De slippen zijn grof getand tot dieper ingesneden, de middelste meestal 3-delig en de bovenste ongedeeld. Bloemen: De bloemhoofdjes staan afzonderlijk of met enkele bij elkaar. Ze zijn 6 tot 10 cm groot en hebben een lange steel. De lintbloemen en buisbloemen zijn goudgeel. Ze hebben een geelgroene kegelvormig gewelfde schijf. Vruchten: Het vruchtpluis vormt een getand 'kroontje'. Biotoop Bodem: Licht beschaduwde plaatsen op natte, voedselrijke grond. Groeiplaatsen: Oevers (van rivieren, beken en kanalen), griendbosranden, verlandingszones van kolken en rietland. Verspreiding Wereld
 Oorspronkelijk uit Noord-Amerika. Ingeburgerd in Europa, vooral in Midden-Europa, maar ook in Groot-Brittannië. Nederland
 Zeer zeldzaam ingeburgerd, o.a. in de Biesbosch. Vaak onbestendig. Vlaanderen: Zeer zeldzaam ingeburgerd. Wallonië: Zeer zeldzaam ingeburgerd. © 2001-2012 Klaas Dijkstra |