Aanmelden Vakantiekrant.nl nieuwsbrief

Ruwe iep - Ulmus glabra

Namen
Nederlands: Ruwe iep (Bergiep, Olm)
Frysk: Rûge iperenbeam
English: Wych Elm
Français: Orme de montagne
Deutsch: Berg-Ulme
Wetenschappelijk: Ulmus glabra
Familie: Iepenfamilie, Ulmaceae

Beschrijving
Afmeting: Tot 40 meter.
Levensduur: Overblijvend.
Bloeimaanden: Februari t/m april.
Wortels: Wortels zonder wortelopslag.
Stam: De schors is eerst glad en zilvergrijs, later wordt deze bruinachtig met alleen lengtegroeven.
Takken: De boom is wijd vertakt. De korte zijtakken staan onder een vrijwel rechte hoek af. De jonge takken zijn ruw behaard en de knopschubben zijn roodachtig gewimperd.
Bladeren: De scheve bladeren zijn lang toegespitst, 8 tot 16 cm groot, rondachtig tot elliptisch en met 12 tot 18 zijnerven (de langste helft met 14 tot 20). Van onderen zijn ze kortharig en meestal ruw. De langste bladhelft heeft aan de voet een lobje, dat over de bladsteel heen ligt. Jonge bladeren zijn vaak in het bovenste deel min of meer 3-tandig. De bladsteel is 2 tot 5 (soms tot 7) mm.
Bloemen: De bloemen zijn vrijwel niet gesteeld.
Vruchten: De eironde vruchten zijn 1½ tot 2 cm lang. Het zaad zit in het midden van het vleugelnootje.

Biotoop
Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige, voedselrijke grond (o.a. op oude rivierklei en op stenige grond).
Groeiplaatsen: Loofbossen, heggen, hellingbossen, ravijnbossen en grubben.

Verspreiding
Wereld
Ruwe iep - Ulmus glabra
In bijna heel Europa, veel noordelijker dan Gladde iep. Oostelijk tot in de Kaukasus.

Nederland
Ruwe iep - Ulmus glabra
Zeer zeldzaam in Zuid-Limburg, de Achterhoek, Twente en langs de Oude IJssel. Ook aangeplant.

Vlaanderen: Zeldzaam in het Maasgebied. Elders zeer zeldzaam. Ook aangeplant.

Wallonië: Zeldzaam in het Maasgebied en de Ardennen. Elders zeer zeldzaam. Ook aangeplant.

Wetenswaardigheden
De bastaard van Ruwe iep en Gladde iep is de Hollandse iep (Ulmus x hollandica). Deze boom wordt vaak aangeplant.
Het kernhout is roodachtig bruin met een enkele groene vlek, het spinthout is geel. Het hout is erg taai. Omdat het duurzaam is, zelfs onder vochtige omstandigheden, werd het vroeger veel gebruikt voor ondergrondse waterleidingen. Tegenwoordig worden er kielen van boten van gemaakt en wordt het bij strekdammen en havenwerken toegepast. Omdat het vrijwel niet splijt, is het ook ideaal voor stoelzittingen en naven van houten wielen. De iepen hebben zwaar te lijden van de iepenziekte. Deze ziekte werd het eerst geconstateerd in 1918 in Noord-Brabant en Noord-Frankrijk. De boomziekte breidde zich razendsnel uit over een groot deel van Europa en later ook in Noord-Amerika. De iepenziekte wordt veroorzaakt door een schimmel. Deze groeit in de houtvaten en zorgt ervoor dat ze verstopt raken. Als de stam rondom is geïnfecteerd, is de watertoevoer afgesneden en verwelken de bladeren. Agressieve vormen van de schimmel kunnen een boom binnen een jaar doden. Wel ontstaat later vaak veel wortelopslag. De schimmel wordt overgebracht door de Grote en de Kleine iepenspintkever en de Dwergiepenspintkever. Hun aanwezigheid is te herkennen aan het patroon van vraatgangen die ze op de grens van schors en hout maken. Door besmetting met de schimmel brengen de kevers de ziekte over op andere bomen. Ook kan de schimmel via de wortels van de ene op de andere boom overgaan. Bestrijding is erg moeilijk.

Flora Batava, Jan Kops. Deel 4 (1822)

Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 5 (1800)

Bilder ur Nordens Flora, Carl Axel Magnus Lindman (1917-1926)

Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

© 2001-2012 Klaas Dijkstra