| Namen Nederlands: Roze winterpostelein Frysk: Rôze winterposlein English: Pink Purslane (Siberian springbeauty, Siberian Miner´s Lettuce) Français: Claytonie de Sibérie Deutsch: Sibirisches Tellerkraut Wetenschappelijk: Claytonia sibirica (Montia sibirica) Familie: Posteleinfamilie, Portulacaceae Beschrijving Afmeting: 10 tot 40 cm. Levensduur: Eenjarig of tweejarig. Bloeimaanden: Mei t/m augustus. Bladeren: De bladeren zijn niet behaard. De wortelbladeren groeien in een los rozet. Ze zijn ruitvormig tot breed elliptisch en gesteeld. De 2 bladeren onder de bloeiwijze zijn niet met elkaar vergroeid. Bloemen: De kroonbladen zijn roze met evenwijdig aan de rand een donkerder roze lijn en diep ingesneden. De bloemen zijn 1½ tot 2 cm in doorsnee. Biotoop Bodem: Halfbeschaduwde tot beschaduwde plaatsen op vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, humushoudende, vaak kalkarme en omgewerkte grond (zand en leem). Groeiplaatsen: Omgewerkte grond in loofbossen en naaldbossen, bosranden, parkbossen, beschaduwde beekoevers, kwekerijen, heggen, struwelen, tuinen, plantsoenen, begraafplaatsen en soms in de voegen van bestrating (weinig belopen delen). Verspreiding Wereld
 Oorspronkelijk uit Noordoost-Azië en het noordwesten van Noord-Amerika. Ingeburgerd in West-Europa. Nederland
 Vrij zeldzaam in het oosten en midden van het land, in de Hollandse en Zeeuwse duinen en in stedelijke gebieden. Vlaanderen
 Zeer zeldzaam ingeburgerd. Het meest in de Kempen. De soort breidt zich uit. Rode lijst. Criteria niet van toepassing. Wallonië: Niet in Wallonië. © 2001-2012 Klaas Dijkstra |