 | Namen Nederlands: Rode kornoelje Frysk: Reade kornelle English: Dogwood Français: Cornouiller sanguin Deutsch: Roter Hartriegel Wetenschappelijk: Cornus sanguinea Familie: Kornoeljefamilie, Cornaceae Beschrijving Afmeting: 1 tot 3 meter. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Juni, soms weer in de herfst. Takken: De takken zijn 's winters rood gekleurd. De jonge takken zijn het hele jaar rood. Ze staan bijna rechtop. Bladeren: De tegenoverstaande bladeren zijn behaard, aan beide kanten zijn ze groen, verder hebben ze een korte steel, zijn ze eirond en spits. Ze hebben een gave rand, worden 5 tot 8 cm lang en hebben 3 tot 5 paar nerven. Bloemen: De bloeiwijze is schermvormig en zit aan korte zijtakjes. De bloemen zijn vuilwit en 0,8 tot 1 cm groot. De 4 kroonbladen vallen spoedig af. Er is geen omwindsel. Vruchten: De bessen zijn blauwzwart, bolvormig en 6 tot 8 mm groot. Biotoop Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige, matig voedselrijke, humeuze, zwak zure tot meestal kalkhoudende grond (mergel, leem löss, lichte klei en zandige rivierklei). Groeiplaatsen: Struwelen, houtwallen, heggen, bosranden, lichte plekken in loofbossen, langs boswegen, langs spoorwegen (spoorbermen), duinen, kalkhellingen en kapvlakten. Verspreiding Wereld
 In Europa, noordelijk tot 55° N.Br. Nederland
 Vrij algemeen in Zuid-Limburg, vrij zeldzaam in het rivierengebied en in het oosten en midden van het land en zeldzaam in Zeeland en in de Hollandse duinen. Vlaanderen
 Algemeen in de Maasvallei en de Leemstreek. Elders vrij algemeen, maar zeldzaam in de Kempen en het kustgebied. Rode lijst. Niet bedreigd. Wallonië: Algemeen in Brabant, het Maasdistrict en Lotharingen. Zeldzaam in de Ardennen. Wetenswaardigheden Van de bittere, oneetbare bessen werd vroeger lampenolie gemaakt. Het harde hout werd voor draaiwerk gebruikt en vond op de boerderij veel toepassing, o.a. voor prikkels om het vee mee op te drijven en als prikstokken voor sleeën. Slagers maakten er tot aan het begin van de 20e eeuw pennen van om stukken vlees mee in vorm te houden. Ten slotte werd het ook nog tot houtskool verbrand. Rode kornoelje wordt vermoedelijk vaak verward met de vaak aangeplante Canadese kornoelje (Cornus sericea). Deze Noord-Amerikaanse sierstruik kan zich in korte tijd agressief uitbreiden doordat de takken gaan liggen en wortel schieten. Weggeworpen of door toedoen van vogels verwilderde exemplaren van deze laatste soort kunnen de natuurlijke vegetatie verdringen. De Canadese kornoelje verschilt van de Rode door zijn grote, van onder grijsachtige bladeren, die wel anderhalve decimeter lang kunnen worden en tot zeven paar zijnerven hebben, en door zijn witte steenvruchten. Ook bloeit hij wat later, omstreeks begin juli. |