| Namen Nederlands: Paarse morgenster (Blauwe morgenster) Frysk: Pearse moarnstjer English: Salsify (Vegetable Oyster Plant) Français: Salsifis à feuilles de poireau Deutsch: Haferwurzel Wetenschappelijk: Tragopogon porrifolius Familie: Composietenfamilie, Asteraceae (Compositae) Beschrijving Afmeting: 60 cm tot 1,2 meter. Levensduur: Tweejarig. Bloeimaanden: Juni en juli. Wortels: Een penwortel. Stengels: De rechtopstaande stengels zijn meestal vertakt en kaal. Onder het hoofdje is de stengel sterk knotsvormig opgeblazen. Bladeren: De bladeren zijn breed lijnvormig en aan de voet verbreed. Bloemen: De bloemhoofdjes zijn 2½ tot 4,8 cm groot. Ze zijn lila tot donker roodpaars. De stijlen zijn ook paarsig. De helmknoppen zijn geel. De 8 of heel soms meer omwindselbladen zijn blauwgroen en even lang als de straalbloemen of iets langer. Biotoop Bodem: Zonnige, warme plaatsen op vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke grond (klei en stenige plaatsen). Groeiplaatsen: Dijken, bermen en puin. Verspreiding Wereld
 Oorspronkelijk uit Zuidwest-Azië en Zuidoost-Europa. Ingeburgerd op een aantal plaatsen in West-Europa en in Noord-Amerika. Nederland
 Zeldzaam in zeekleigebieden (Noordwest-Friesland, Noord-Groningen, Noord-Holland en Zeeland). Elders zeer zeldzaam. Vlaanderen: Niet in Vlaanderen. Soms als adventief. Wallonië: Niet in Wallonië. Wetenswaardigheden Sinds de oudheid wordt Paarse morgenster gekweekt om de eetbare wortel. Ook de door inkuiling - zoals bij Witlof en Asperge - gebleekte jonge spruiten worden gegeten. Sinds de 17de eeuw is Paarse morgenster als groente grotendeels verdrongen door Grote schorseneer, waarvan de wortels beter houdbaar zijn. |