| Namen Nederlands: Oosterse karmozijnbes Frysk: Swarte karmozynbei English: Indian Pokeweed Français: Phytolaque d'orient Deutsch: Asiatische Kermesbeere Wetenschappelijk: Phytolacca esculenta (Phytolacca octandra) Familie: Karmozijnbesfamilie, Phytolaccaceae Beschrijving Afmeting: 1 tot 2½ meter. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Juli en augustus. Stengels: De stengsl zijn vaak rood aangelopen. Bladeren: De elliptische bladeren zijn stomp tot spits, meestal met een kort spitsje. Bloemen: De groenachtig witte, later roodachtige bloemen zijn 5 tot 6 mm. Ze bevatten 8 meeldraden en 8 stijlen. De vvruchtbeginsels staan vrij van elkaar. Samen groeien de bloemen in gesteelde trossen. Vruchten: De vlezige, zwartpaarse bessen zijn giftig. Biotoop Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde, open plaatsen op vochtige, voedselrijke grond. Groeiplaatsen: Ruigten, verwaarloosde tuinen en parkjes. Verspreiding Wereld
 Oorspronkelijk uit Oost-Azië. Ingeburgerd in een aantal Europese landen. Nederland
 Zeldzaam ingeburgerd in stedelijke gebieden. Vlaanderen
 Zeldzaam ingeburgerd. Het meest in stedelijke gebieden. Rode lijst. Criteria niet van toepassing. Wallonië: Zeldzaam ingeburgerd. Wetenswaardigheden Westerse karmozijnbes (Phytolacca americana) en Oosterse karmozijnbes (Phytolacca esculenta) worden ook wel beschouwd als 1 soort (Phytolacca acinosa). Het sap van de vruchten werd gebruikt als verfstof, maar ook om port en rode wijn te kleuren. In de homeopathie wordt het gebruikt als middel bij borstklierontstekingen en bij reuma. © 2001-2012 Klaas Dijkstra |