| Namen Nederlands: Moeraslathyrus Frysk: Skuontsjes English: Marsh Pea (Blue Marsh Vetchling) Français: Gesse des marais Deutsch: Sumpf- Platterbse Wetenschappelijk: Lathyrus palustris Familie: Vlinderbloemenfamilie, Fabaceae Beschrijving Afmeting: 30 tot 100 cm. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Mei t/m augustus. Wortels: Met ondergrondse uitlopers en met wortelknolletjes aan de stengelvoet van de zijwortels. Stengels: De breed gevleugelde, klimmende stengels zijn niet of weinig vertakt en iets behaard. Bladeren: De niet vlezige bladeren zijn geveerd met 2 tot 5 paar langwerpige tot lijnvormige, 3 tot 6 cm lange deelblaadjes, die meestal eindigen in een vertakte rank. De nerven lopen evenwijdig aan elkaar, de zijnerven eindigen bij de top. De steunblaadjes zijn half-spiesvormig. De bladsteel is nauwelijks gevleugeld en 0,5 tot 1 mm breed. Bloemen: Langgesteelde trossen met 3 tot 6 bloemen. Deze zijn 1 tot 2 cm. Eerst zijn ze licht roodpaars, later worden ze fletsblauw en tenslotte bijna groenachtig. Vruchten: De bruine, kale peulen worden 2½ tot 6 cm lang. Biotoop Bodem: Zonnige plaatsen op natte, matig voedselrijke tot voedselrijke, onbemeste, niet te zure, vaak iets kalkhoudende grond (veen en zand). Vaak op kwelplekken. Ook in brak milieu. Groeiplaatsen: Moerassig grasland, duinen (duinvalleien, oevers van duinplassen en kwelplekken aan de duinrand), greppels, strooiselruigten, moerassen (rietmoeras en zeggenmoeras), tichelgaten, ijsbaantjes en op buitendijkse zandplaten in het IJsselmeer. Verspreiding Wereld
 Koel-gematigde en koudere streken op het noordelijk halfrond. Nederland
 Plaatselijk vrij algemeen in laagveengebieden (Midden- en Zuid-Fryslân, Noordwest-Overijssel, beekdalen aan de rand van Drenthe en het grensgebied van Utrecht en Holland) en zeldzaam in het rivierengebied en in de duinen. Elders zeer zeldzaam. Niet in Zeeland en Limburg. Vlaanderen
 Zeer zeldzaam. Nog slechts op 2 plaatsen (Woumen en Sint-Gillis-Waas). Rode lijst. Bedreigd. Wallonië: Niet in Wallonië.
|