Druk uw foto af op speciale artikelen, al vanaf: 2,99!  Speelgoed nodig?  Vind je droomhuis

Melganzenvoet - Chenopodium album

Namen
Nederlands: Melganzenvoet (Melganzevoet)
Frysk: Blaumealje
English: Lamb's Quarters (White goosefoot)
Français: Chénopode blanc
Deutsch: Weißer Gänsefuß
Wetenschappelijk: Chenopodium album (Chenopodium strictum, Chenopodium suecicum)
Familie: Ganzenvoetfamilie, Chenopodiaceae

Beschrijving
Afmeting: 15 tot 120 cm.
Levensduur: Eenjarig.
Bloeimaanden: Juli t/m september.
Stengels: De rechtopstaande stengels zijn sterk vertakt en vaak rood aangelopen.
Bladeren: De bladeren zijn zeer veranderlijk. De bovenste zijn langwerpig met een gave rand, de onderste zijn driehoekig en sterk bochtig getand, soms zijn ze spiesvormig maar dan heeft de middenlob geen evenwijdige zijden. Meestal zijn de bladeren aan beide kanten sterk melig behaard.
Bloemen: De wittig groene bloemen hebben een 5-delig bloemdek. De bloemkluwens vormen lange, smalle of wijd vertakte pluimen, die aan de top of soms in de hele bovenste helft niet zijn bebladerd.
Vruchten: Vaak zijn er 2 soorten zaden aan dezelfde plant. Deze kunnen glad, zwart en met een dikke zaadhuid zijn of glad, bruin en met een dunne zaadhuid.

Biotoop
Bodem: Zonnige, open plaatsen (pioniervegetaties) op vrij droge tot vochtige, zeer voedselrijke, met name stikstofrijke, vaak vrij kalkarme, omgewerkte grond (zand, leem, zavel, klei en stenige plaatsen).
Groeiplaatsen: Akkers (vooral hakvruchtakkers), braakliggende grond, omgewerkte grond, boerenerven, mesthopen, omgewerkte plekken in bermen, ruigten, puin, open plekken aan oevers, gekapt bos, ruderale plaatsen, plantsoenen, rozenperken, bouwterreinen, opgespoten grondvlakten en gronddepots.

Verspreiding
Wereld
Melganzenvoet - Chenopodium album
In alle werelddelen, maar zeer zeldzaam in de landen bij de evenaar.

Nederland
Klik voor gedetailleerde informatie
Zeer algemeen.

Vlaanderen
Melganzenvoet - Chenopodium album
Zeer algemeen.
Rode lijst. Niet bedreigd.

Wallonië: Algemeen.

Wetenswaardigheden
Al in de prehistorie werd de plant als voedselplant gebruikt, zowel in Europa en Azië als in Noord-Amerika. De zaden werden tot meel vermalen. Vroeger werd de plant ook gekweekt als bladgroente. De bladeren zijn als spinazie te eten en bevatten veel vitamine C.

© 2001-2012 Klaas Dijkstra