| Namen Nederlands: Lidrus Frysk: Lidrusk English: Marsh horsetail Français: Prêle des marais Deutsch: Sumpf-Schachtelhalm Wetenschappelijk: Equisetum palustre Familie: Paardenstaartenfamilie, Equisetaceae Beschrijving Afmeting: 20 tot 60 cm. Levensduur: Overblijvend. Sporen: Mei t/m juli, soms later. Wortels: De kale wortelstok is zwart of paarsbruin, met meestal in snoeren gerangschikte knollen. Stengels: De groene, glanzende, slanke stengels zijn meestal vertakt. Ze zijn kantig door een klein aantal ribben. Ze hebben een nauw middenkanaal (minder dan de helft van de doorsnede). Met kransen van meestal 6 of 7 omhoog gekromde, niet vertakte zijtakken, die heel zwak geribd zijn. Het eerste lid van de zijtakken is korter dan de daarbij horende stengelschede. Bladeren: Bladkransen met groene, aan de top zwarte, naar binnen buigende tanden. Vruchten: De 1 tot 3 cm lange, ronde sporenaar is eerst zwart, maar wordt later bruin. De aar heeft een stompe top en een korte, slanke steel. De aar groeit in de bovenste bladkrans. Biotoop Bodem: Zonnige, gesloten of vaak vrij open plaatsen (pioniervegetaties) op vochtige tot natte, matig voedselrijke tot zeer voedselrijke grond. Vaak op plekken met een sterk wisselende grondwaterstand. Groeiplaatsen: Grasland, langs spoorwegen (spoordijken), waterkanten (sloten en greppels), bermen en moerassen (veenmoeras). Verspreiding Wereld
 Gematigde en koude streken op het noordelijk halfrond. Nederland
 Algemeen. Vlaanderen
 Algemeen. Rode lijst. Niet bedreigd. Wallonië: Algemeen, maar zeldzamer in de Ardennen. Wetenswaardigheden Giftig, vooral voor koeien, ook in gedroogde toestand (hooi). Als het om grote hoeveelheden gaat is de plant zelfs dodelijk. |