Aanmelden Vakantiekrant.nl nieuwsbrief

Knolribzaad - Chaerophyllum bulbosum

Namen
Nederlands: Knolribzaad (Knolkervel)
Frysk: Knolpiipkrûd
English: Turnip-rooted Chervil
Français: Cerfeuil tubéreux
Deutsch: Knolliger Kälberkropf
Wetenschappelijk: Chaerophyllum bulbosum
Familie: Schermbloemenfamilie, Apiaceae

Beschrijving
Afmeting: 60 cm tot 1,80 meter.
Levensduur: Tweejarig.
Bloeimaanden: Juni en juli.
Wortels: De korte, dikke wortels zijn tot een knol opgezwollen.
Stengels: De holle stengels zijn onder de knopen verdikt enhebben aan de voet rode vlekjes. Ze dragen stijve, schuin omlaag wijzende haren. Hogerop zijn ze blauw berijpt en kaal.
Bladeren: De bladeren zijn 3-viervoudig geveerd met smal langwerpige, spitse slippen. Aan de onderkant zitten verspreide, lange, afstaande haren. De bladscheden zijn kaal.
Bloemen: De bloemschermen bestaan uit 5 tot 12 stralen. De witte kroonbladen zijn kaal. Er zijn 0 tot 2 omwindselbladen en 4 tot 8 omwindseltjes. Deze laatste zijn meerbladig, meestal kaal en verschillend van hoogte.
Vruchten: De vruchten zijn langwerpig, naar de top versmald en 4 tot 7 mm lang. De ribben zijn breed en plat. De deelvruchten zijn rond.

Biotoop
Bodem: Zonnige tot half beschaduwde, warme plaatsen op natte, zeer voedselijke grond (zand, zavel, klei en stenige plaatsen).
Groeiplaatsen: Ruigten, struikgewas langs de rivieren, uiterwaarden, heggen, bermen, strekdammen bij havens, grienden, lichte rivierduinbosjes, ruige dijken en aanspoelselgordels.

Verspreiding
Wereld
Knolribzaad - Chaerophyllum bulbosum
In Midden- en West-Azië en Midden- en Zuidoost-Europa. Westelijk tot in Nederland.

Nederland
Klik voor gedetailleerde informatie
Zeldzaam langs de Rijn, Waal en Merwede. Elders zeer zeldzaam.

Vlaanderen: Niet in Vlaanderen.

Wallonië: Niet in Wallonië.

Wetenswaardigheden
Vanwege de eetbare knol wordt de plant op kleine schaal gekweekt in Nederland en Duitsland. In Oost-Europa wordt de plant algemener gekweekt. De naam verwijst naar de geribbelde zaden. De bladeren zijn licht giftig. De naam Knolkervel heeft de plant gekregen door zijn gelijkenis van de geveerde bladeren met de echte kervel.

Flora Batava, Jan Kops, F. W. van Eeden, L. Vuyck. Deel 25 (1920)

Afbeeldingen der artseny-gewassen met derzelver Nederduitsche en Latynsche beschryvingen. Deel 5 (1800)

Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

© 2001-2012 Klaas Dijkstra