| Namen Nederlands: Klein wintergroen Frysk: Lytse pearelblom English: Common Wintergreen (Snowline Wintergreen) Français: Petite pyrole Deutsch: Kleines Wintergrün Wetenschappelijk: Pyrola minor Familie: Heifamilie, Ericaceae (Wintergroenfamilie, Pyrolaceae) Beschrijving Afmeting: 5 tot 20 cm. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Mei t/m augustus. Wortels: Met worteluitlopers. Stengels: De stengels staan rechtop. Bladeren: De bladeren zijn iets lichter van kleur, doffer en dunner dan die van Rond wintergroen. Vaak zijn ze ook iets roodaachtig. Verder zijn ze rondachtig tot eirond, gekarteld en hebben een vlakke tot zwak gegolfde rand. De bladsteel is meestal korter dan de bladschijf. De schutbladen zijn langwerpig tot lijnvormig en zijn hoogstens halfstengelomvattend. Bloemen: De 5 tot 7 mm grote, overhangende bloemen zijn bleekroze en worden later iets oranjeachtig. Verder zijn ze bolvormig, vaak vrijwel gesloten en gaan ze nooit wijd open. De kelkslippen zijn driehoekig-eirond en zitten tegen de kroon aangedrukt. De stijl is recht en steekt niet buiten de kroon uit. Ook is de stijl niet verdikt en heeft 5 stervormig uitgespreide stempellobben. Vruchten: De vrucht is een met vijf kleppen openspringende doosvrucht met daarin zeer kleine zaadjes. De zaadjes hebben een opgeblazen fijnmazig netzakje om de kiem en worden door de wind verspreid. Biotoop Bodem: Beschaduwde plaatsen op vochtige, voedselarme, zwak zure, kalkarme of soms iets kalkhoudende grond (zand, leem, veen en stenige plaatsen). Groeiplaatsen: Bossen, bosranden, heide, rotsrichels, duinvalleien, leemkuilen, afgravingen en mijnsteenbergen. Verspreiding Wereld
 Koele en gematigde delen op het noordelijk halfrond. Nederland
 Zeldzaam op de Waddeneilanden en in de Noord-Hollandse duinen en zeer zeldzaam in het oosten en midden van het land, in Zuid-Limburg en op Schouwen. Rode lijst 2. Sterk afgenomen. Vlaanderen: Zeer zeldzaam. Rode lijst. Met verdwijning bedreigd. Wallonië: Zeldzaam in de Ardennen. Elders zeer zeldzaam. Rode lijst. Kwetsbaar. |