 | Namen Nederlands: Gewoon speenkruid (Speenkruid), Vreemd speenkruid Frysk: Bûtergieltsje English: Lesser celandine (Celandine, Fig buttercup, Pilewort) Français: Ficaire Deutsch: Scharbockskraut Wetenschappelijk: Ficaria verna (Ranunculus ficaria subsp. bulbilifer, Ranunculus verna) Familie: Ranonkelfamilie, Ranunculaceae Ondersoorten: Gewoon speenkruid (Ficaria verna subsp. verna). Vreemd speenkruid (Ficaria verna subsp. grandiflora of Ranuculus ficaria subsp. ficaria). Beschrijving Afmeting: 5 tot 30 cm. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Maart t/m mei. Wortels: De wortels zijn voor een deel spoel- of knotsvormig verdikt. Stengels: De vertakte stengels zijn sappig en richten zich halverwege op. Bladeren: De glimmende bladeren zijn niet gedeeld. Ze zijn rond of de bovenste zijn hoekig. Vaak hebben ze een gave rand, maar soms zijn ze bochtig gekarteld. De bladvoet is hartvormig. Aan de voet van de bladsteel zit een wijde bladschede. Gewoon speenkruid vormt vaak ronde knolletjes in de bladoksels. Bloemen: De gele bloemen zijn 2 tot 3 cm groot. Ze bestaan uit 6 tot 12 langwerpig-eironde kroonbladen en 3 of soms 4 bleekgroene, afgerond driehoekige kelkbladen. Gewoon speenkruid heeft smalle kroonbladen, die elkaar niet met de randen bedekken. Vreemd speenkruid heeft brede kroonbladen, die elkaar met de randen bedekken. Vruchten: Gewoon speenkruid vormt meestal geen vruchten. Verspreiding gebeurt via de knolletjes in de bladoksels. Vreemd speenkruid heeft normale vruchten, die niet gesnaveld zijn. Biotoop Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke grond. Zoutmijdend (vrijwel alle grondsoorten). Groeiplaatsen: Heggen, bosranden, bermen, grazige hellingen, beekoevers, rivieroevers, plantsoenen, begraafplaatsen, grasvelden, grasland, greppelkanten, slootkanten, rivierbegeleidend loofbos, bronnetjesbos, beekdalbos, hellingbos, binnenduinbos, parkbos, uiterwaarden, aan de voet van kleiige dijken, in de rietkraag langs kanalen en beschaduwde gazons. Verspreiding Wereld
 In Europa, behalve in de meest noordelijke delen. Ook in Noordwest-Afrika en Klein-Azië. Vreemd speenkruid: Oorspronkelijk uit Zuid-Europa. Nederland
 Algemeen. Vreemd speenkruid: Ingeburgerd op Texel. Vlaanderen: Algemeen, maar zeldzaam in het kustgebied en de Kempen Vreemd speenkruid: Zeer zeldzaam. Wallonië: Algemeen, maar zeldzaam in de Ardennen. Vreemd speenkruid: Zeer zeldzaam. Wetenswaardigheden Speenkruid werd wel gegeten als spinazie. Jonge planten zijn rijk aan vitamine C en dienden als midden tegen scheurbuik (Duitse naam is Scharbockskraut). In de loop van de lente neemt het gehalte aan giftige stoffen echter toe. De naam komt van de gelijkenis met de spenen van een koe. Het werd gebruikt om ontstekingen van uiers of aambeien te bestrijden. |