 | Namen Nederlands: Gewone engelwortel Frysk: Ingelwoartel English: Wild angelica (Ground ash, Holy ghost, Woodland angelica) Français: Angélique des bois Deutsch: Wald-Engelwurz Wetenschappelijk: Angelica sylvestris Familie: Schermbloemenfamilie, Apiaceae Beschrijving Afmeting: 90 cm tot 1,8 meter. Levensduur: Tweejarig of meerjarig (driejarig). Bloeimaanden: Juli t/m september. Wortels: Een penwortel. Stengels: De ronde, holle stengels zijn gegroefd, meestal roze- tot paarsbruin en vrijwel kaal. Bladeren: De rozetbladen zijn vrij donkergroen. Ze hebben een diep gootvormige bladsteel. De bladeren zijn 2 tot 3-voudig geveerd met langwerpige, scherp gezaagde slippen (deelblaadjes) die 6 tot 12 cm lang worden. Het topblaadje is meestal niet gedeeld en is in een kort steeltje versmald. De bovenste bladeren zijn omgevormd tot grote bolle scheden rond de beginnende bloeiwijze. Bloemen: De bloemschermen zijn 3 tot 15 cm breed met 15 tot 40 stralen. De 2 mm grote bloemen zijn rozewit tot licht vleeskleurig. De stelen van de schermpjes zijn ruig behaard. Er zijn 0 tot 3 omwindselbladen, die spoedig afvallen. Er zijn veel omwindseltjes. De stijlen verlengen zich al tijdens de bloei en zijn meestal langer dan het stijlkussen (bij de vrucht 3 keer zo lang). Vruchten: De eivormige vruchten zijn 4 tot 6 mm lang, met vliezige vleugels. Biotoop Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde, iets open plaatsen op vochtige tot natte, matig voedselarme tot voedselrijke, vaak zwak zure, niet brakke grond (zand, leem, zavel, veen, löss, mergel en rivierklei). Groeiplaatsen: Verruigd, nat grasland, waterkanten, beekbegeleidende loofbossen, moerassen, ruigten, bermen, langs spoorwegen, bosranden, kapvlakten, rietland, hooiland, grienden en ruigten op oeverwallen. Verspreiding Wereld
 In vrijwel heel Europa en West- en Midden-Azië. Nederland
 Algemeen. Vlaanderen
 Zeer algemeen, maar vrij zeldzaam in de Polders en in de Duinen. Rode lijst. Niet bedreigd. Wallonië: Zeer algemeen. |