 | Namen Nederlands: Gewone berenklauw (Gewone bereklauw) Frysk: Bearepoat English: Hogweed (American cow-parsnip, Eltrot) Français: Berce sphondyle Deutsch: Wiesen-Bärenklau Wetenschappelijk: Heracleum sphondylium Familie: Schermbloemenfamilie, Apiaceae Ondersoorten: Heracleum sphondylium. Heracleum sphondylium subsp. sibiricum. Beschrijving Afmeting: 90 cm tot 1,5 meter. Levensduur: Overblijvend, soms meerjarig. Bloeimaanden: Juni t/m september. Wortels: Een penwortel. Stengels: De borstelig behaarde stengels zijn hol, kantig, gegroefd, niet rood gevlekt en 0,5 tot 2 cm dik. Bladeren: De wortelbladen zijn borstelharig, rondachtig of eirond, 20 tot 50 cm lang en veerdelig of geveerd met grote, breed eironde tot langwerpige, diep gelobde of grof getande slippen. De bovenste bladeren hebben een sterk opgeblazen bladsteel. Bloemen: De bloemschermen worden tot 20 cm breed en bestaan uit 12 tot 45 stralen. De bloemen zijn wit of zelden roze en 0,5 tot 1 cm groot. De kroonbladen van de buitenste bloemen zijn duidelijk verschillend van grootte. Er zijn 0 tot 3 omwindselbladen. Heracleum sphondylium subsp. sibiricum: Met geelgroene bloemen. Vruchten: De elliptische tot rondachtige vruchten zijn afgeplat met brede vleugels en 0,7 tot 1,1 cm lang. Biotoop Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op matig droge tot vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke grond (zand, leem, zavel, klei, mergel en kleiig veen). Niet op brakke of zilte grond. Groeiplaatsen: Loofbossen, waterkanten, ruig grasland, langs greppels, ruigten, bermen, dijken, braakliggende grond, bosranden, struwelen, plantsoenen, hooiland, rietland en grienden. Verspreiding Wereld
 In vrijwel heel Europa (niet op IJsland), West-Azië en Noordwest-Afrika. Nederland
 Zeer algemeen. Vlaanderen
 Zeer algemeen, maar iets minder algemeen in het kustgebied en in de Kempen. Rode lijst. Niet bedreigd. Wallonië: Algemeen. Wetenswaardigheden De plant bevat etherische olie met furocoumarinen, die onder invloed van licht op de huid ontstekingen kan veroorzaken. In Rusland, Estland, Letland en Litouwen worden de stengels in de zon te drogen gelegd. Op de stengel vormen zich dan zoete, witte kristallen. De jonge plant is nog niet giftig. De 15 tot 20 cm lange, jonge stengels kunnen gegeten worden. Ze moeten geplukt worden voordat het blad zich gaat ontvouwen. Oudere stengels kunnen geschild gegeten worden. Bij het schillen moet dan wel handschoenen gedragen worden om huidirritatie te voorkomen. |