Aanmelden Vakantiekrant.nl nieuwsbrief

Geelrode naaldaar - Setaria pumila

Namen
Nederlands: Geelrode naaldaar (Zeegroene naaldaar)
Frysk: Skiere swartkopraai
English: Yellow bristlegrass (Yellow foxtail, Cattail grass, Yellow bristle grass)
Français: Sétaire glauque
Deutsch: Fuchsrote Borstenhirse
Wetenschappelijk: Setaria pumila (Setaria glauca)
Familie: Grassenfamilie, Poaceae (Gramineae)

Beschrijving
Afmeting: 5 tot 75 cm.
Levensduur: Eenjarig.
Bloeimaanden: Juli t/m oktober.
Bladeren: De bladen zijn iets blauwig, Op de voet van het blad groeien lange haren (minstens 0,5 cm lang). De bladschede is niet gewimperd.
Bloemen en vruchten: De trosvormige aartjes staan ieder apart op niet vertakte steeltjes. De aartjessteel heeft 5 tot 10 roodachtig gele borstels met naar boven gerichte tandjes. De vruchtbare bloem is voor hoogstens 2/3 deel bedekt door het bovenste kelkkafje. De kroonkafjes hebben dwarsrimpeltjes.

Biotoop
Bodem: Zonnige, warme, open plaatsen op droge, matig voedselrijke, omgewerkte, humusarme, vaak kalkhoudende grond (zand, soms op leem).
Groeiplaatsen: Akkers, ruderale plaatsen, omgewerkte bermen, industrieterreinen, bij havens, stortplaatsen, duinen, spoorwegterreinen en langs de Maas.

Verspreiding
Wereld
Geelrode naaldaar - Setaria pumila
In gebieden met een gematigd klimaat in alle werelddelen. In Noordwest-Europa noordelijk tot in Nederland.

Nederland
Klik voor gedetailleerde informatie
Vrij zeldzaam, maar zeer zeldzaam in het noorden van het land en in Flevoland. Niet op de Waddeneilanden.

Vlaanderen: Vrij zeldzaam tot zeldzaam in de Kempen. Elders zeer zeldzaam.

Wallonië: Vrij zeldzaam tot zeldzaam in Brabant. Elders zeer zeldzaam.

Flora Batava, Jan Kops en F. W. van Eeden. Deel 16 (1881)

Deutschlands Flora in Abbildungen, Jacob Sturm und Johann Georg Sturm (1796)
Blaugrüner Fennich

Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

© 2001-2012 Klaas Dijkstra