Namen Nederlands: Drijvend fonteinkruid Frysk: Flot bearzerûch English: Floating-leaved pondweed (Floating pondweed, Broadleaf pondweed, Floatingleaf pondweed) Français: Potamot nageant Deutsch: Schwimmendes Laichkraut Wetenschappelijk: Potamogeton natans Familie: Fonteinkruidfamilie, Potamogetonaceae Beschrijving Opmerking: Zwaardfonteinkruid of Zwaardbladig fonteinkruid(Potamogeton X sparganifolius) is de bastaard van Drijvend fonteinkruid en Ongelijkbladig fonteinkruid (Potamogeton gramineus). Afmeting: 60 cm tot 1,5 meter. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Mei t/m augustus. Wortels: Een sterk vertakte wortelstok, die ook 's winters doorgroeit. Stengels: De stengels kunnen tot meer dan 1 m lang worden en zijn niet of alleen bovenaan vertakt. Bladeren: De ondergedoken bladeren zijn lijnvormig en worden tot 3 mm breed (eigenlijk is het alleen een bladsteel). De drijvende bladeren zijn niet doorschijnend. Ze zijn eirond tot langwerpig en dik leerachtig. Van onderen zijn ze lichter en vaak rossig. Ze hebben een iets hartvormige tot kort wigvormige voet, een gave rand en een stompe of spitse top. Ook hebben ze uitspringende nerven. Op de overgang van de bladsteel naar de bladschijf zit een 1 tot 2 cm lang gewricht, waardoor de schijf vrij draaibaar is ten opzichte van de steel. De steunblaadjes zijn groot met veel nerven. Vaak gaan ze vezelen. Ze vallen niet snel af. Bloemen: De bloemen zijn groenachtig. De vruchtaar is 3 tot 8 cm lang. De niet verdikte steel wordt tot 10 cm lang, veel langer dan de aar. Vruchten: De vruchtjes zijn 4 tot 5 mm lang. Biotoop Bodem: Zonnige plaatsen in ondiep, helder, stilstaand of zwak stromend, matig voedselarm tot matig voedselrijk, zoet of zeer zwak brak, zwak zuur tot zwak basisch water. Meestal boven een zandbodem met een laag organische resten of een venige bodem. Groeiplaatsen: In het water van vijvers, poelen, plassen, sloten (ook droogvallende sloten), luwe plekken kleine rivieren en beken, niet meer gebruikte kanalen, sinds lang afgesneden rivierarmen en in afgravingen (zand- en leemgroeven), heide (vennen en hoogvbeenpoelen) en duinen (plassen) Verspreiding Wereld
 Gematigde en koudere streken op het noordelijk halfrond. Ook in Australië. Nederland
 Vrij algemeen, maar zeldzaam in de zeekleigebieden van Fryslân en Groningen, in noordelijk Noord-Holland, in Zeeland en in Zuid-Limburg. Zwaardfonteinkruid: Zeer zeldzaam in Fryslân. Vlaanderen
 Vrij algemeen in de Kempen. Elders zeldzamer. Rode lijst. Niet bedreigd. Zwaardfonteinkruid: Niet in Vlaanderen. Wallonië: Plaatselijk vrij algemeen. Zwaardfonteinkruid: Niet in Wallonië. Wetenswaardigheden Drijvend fonteinkruid kan massaal groeien in geschikte wateren. |