Aanmelden Vakantiekrant.nl nieuwsbrief
Drienerfmuur - Moehringia trinervia

Namen
Nederlands: Drienerfmuur
Frysk: Trijenerfmier
English: Three-nerved sandwort (Apetalous sandwort, Three-veined sandwort)
Français: Moehringie à trois nervures
Deutsch: Dreinervige Nabelmiere
Wetenschappelijk: Moehringia trinervia
Familie: Anjerfamilie, Caryophyllaceae

Beschrijving
Afmeting: 15 tot 30 cm.
Levensduur: Eenjarig, soms overblijvend.
Bloeimaanden: Mei en juni.
Stengels: De vrij slappe, liggende of opstijgende stengels zijn rondom behaard. De soort groeit in polletjes.
Bladeren: De eironde, spitse bladeren worden tot 2½ cm lang. Ze hebben 3 of 5 parallelle nerven en zijn vaak paars aangelopen. De onderste bladeren zijn gesteeld.
Bloemen: De witte, 4 tot 7 mm grote bloemen staan alleen of met enkele bij elkaar op ranke, behaarde stelen. Ze hebben 3 stijlen en 5 niet ingesneden kroonbladen, die korter zijn dan de kelkbladen. De kelkbladen zijn langwerpig en spits en hebben een behaarde rand.
Vruchten: De zwarte, gladde zaden zijn voorzien van een aanhangseltje.

Biotoop
Bodem: Halfbeschaduwde plaatsen op droog tot matig vochtig, matig voedselarm tot matig voedselrijk, humusrijk, zwak zuur tot kalkrijk zand. Op plaatsen met een snelle afbraak van veel plantaardig materiaal door kalk of plotseling veel licht.
Groeiplaatsen: Loofbossen, struwelen, duinen (duinstruweel), langs beken, kapvlakten, op boomstompen, hakhout en houtwallen.

Verspreiding
Wereld
Drienerfmuur - Moehringia trinervia
In vrijwel heel Europa en in Midden-Azië en Noordwest-Afrika. Ook in Japan.

Nederland
Klik voor gedetailleerde informatie
Algemeen in Zuid-Limburg, in het oosten en midden van het land, in het rivierengebied en in de Hollandse en Zeeuwse duinen. Elders zeldzaam.

Vlaanderen
Drienerfmuur - Moehringia trinervia
Algemeen in de Leemstreek. Elders vrij algemeen, maar zeldzaam in de Polders en het noordelijke deel van de Kempen.
Rode lijst. Niet bedreigd.

Wallonië: Vrij algemeen, maar zeldzaam in de Hoge Ardennen.

Wetenswaardigheden
Het aanhangseltje aan het zaad (het mierenbroodje) vinden mieren erg lekker. Zij verslepen de zaden verslepen en zorgen zo voor de verspreiding.

Flora Batava, Jan Kops en Herman Christiaan van Hall. Deel 6 (1832)

Flora von Deutschland, Österreich und der Schweiz, Prof. Dr. Otto Wilhelm Thomé (1885 - 1905)

Flora Danica Georg Christian Oeder e.a. (1761-1888)

© 2001-2012 Klaas Dijkstra