Namen Nederlands: Bruine snavelbies Frysk: Brún fluen English: Brown Beaksedge Français: Rhynchospore brun Deutsch: Braunes Schnabelried Wetenschappelijk: Rhynchospora fusca Familie: Cypergrassenfamilie, Cyperaceae Beschrijving Afmeting: 10 tot 30 cm. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Juni t/m augustus. Wortels: Bruine snavelbies heeft een wortelstok met uitlopers. Stengels: De stengels zijn olijfgroen. De soort vormt uitgestrekte, losse matten. Bladeren: De gootvormige bladeren zijn 1 mm breed. Bloemen: De aren zijn geel- tot roodbruin. De bloemen bevatten 3 meeldraden met gele, 2 tot 3 mm lange helmknoppen. Ze hangen uit de aartjes. De bovenste arenkluwen zijn eivormig. De schutbladen komen boven de bloeiwijze uit en worden tot 6 cm lang. De kafjes zijn bruin. De stempels steken tot bijna een 0,5 cm buiten de kafjes. Vruchten: De zaden zijn voorzien van een snavel met gladde randen. Biotoop Bodem: Zonnige, open plaatsen op natte, voedselarme, zure, grond (humeus tot venig zand, hoogveen en leem). Groeiplaatsen: Heide (natte laagten in dopheidevelden, in hoogveen en op zwak hellende oevers van heidevennen). Verspreiding Wereld
 In West- en Midden-Europa. Van de Pyreneeën tot in Midden-Scandinavië. Ook in Noord-Amerika. Nederland
 Vrij zeldzaam in Drenthe, Zuidoost-Fryslân en Noord-Brabant en zeldzaam in het midden en oosten van het land. Rode lijst 2. Sterk afgenomen. Vlaanderen: Zeldzaam in de Kempen. Elders zeer zeldzaam. Rode lijst. Kwetsbaar. Beschermd. Wallonië: Zeer zeldzaam. Rode lijst. Ernstig bedreigd. Beschermd. |