 | Namen Nederlands: Blauwe zegge Frysk: Blaugerssigge English: Carnation sedge (Grasslike sedge) Français: Laîche faux Panic Deutsch: Hirsesegge Wetenschappelijk: Carex panicea Familie: Cypergrassenfamilie, Cyperaceae Beschrijving Afmeting: 5 tot 70 cm. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: April en mei. Wortels: Met kruipende wortelstokken en uitlopers. Stengels: De gladde stengels zijn stomp driekantig. De onderste bladscheden zijn bleekbruin of soms iets roze. Bladeren: De vlakke bladeren zijn 2 tot 4 mm breed. Vaak staan ze wijd af. Ze zijn vrij plotseling versmald in een driekantige top. Beide kanten zijn blauwachtig. Bloemen: De bloemen vormen een losse bloeiwijze met 1 mannelijke aar bovenaan en daaronder 1 of 2 (soms 3) rechtopstaande, losbloemige vrouwelijke aren. De vrouwelijk aren zijn 2 tot 3 cm lang en rolrond. Elke bloem heeft 3 stempels. De schutbladen zijn veel korter dan de bloeiwijze. Het onderste schutblad heeft een 1 tot 2 cm lange schede, die de steel van de onderste aar omhult. Vruchten: De gladde, 3 tot 4 mm lange urntjes zijn bolvormig tot eirond. Ze hebben 2 of 3 zwakke nerven. Eerst zijn ze groengeel, later worden ze gelig bruin. Ze lijken opgeblazen. Het zeer korte, dikke snaveltje staat dan scheef. De kafjes zijn bijna zwart. De vruchtjes zitten niet erg dicht op elkaar. Biotoop Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige tot natte, voedselarme tot soms matig voedselrijke, niet of licht bemeste, zwak zure, humeuze tot venige grond (zand, leem, löss, potklei, zavel en veen). Groeiplaatsen: Hooiland (blauwgrasland), heide (open plekken en plagplekken), gemaaide, onvergraven stroken veen, moerassen (vrij jong veenmosrietland), bermen, waterkanten (slootkanten), afgravingen (leem), op de bovenrand van kalkhellingen, steile wanden van beekdalletjes, duinen (duinvalleien, afgeplagde duinheide, binnenduingrasland, langs duinpaadjes en in duinvalleien). Verspreiding Wereld
 In Midden-Azië, de Kaukasus en Europa, behalve in de meest zuidelijke en zuidoostelijke delen. In oostelijk Noord-Amerika is zij vermoedelijk en in Nieuw-Zeeland is zij zeker ingevoerd en ingeburgerd. Nederland
 Plaatselijk vrij algemeen in het oosten en midden van het land, in de duinen, op de Waddeneilanden en in laagveengebieden. Zeldzaam in Zuid-Limburg en in het rivierengebied en zeer zeldzaam in zeekleigebieden. Vlaanderen
 Vrij algemeen in de Kempen. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam. Rode lijst. Kwetsbaar. Wallonië: Vrij algemeen in de Ardennen. Elders zeldzaam tot zeer zeldzaam. Rode lijst. Niet bedreigd. |