 | Namen Nederlands: Blaartrekkende boterbloem Frysk: Gleie bûterblom English: Cursed Crowfoot (Celeryleaf Buttercup, Cursed Buttercup) Français: Renoncule scélérate Deutsch: Gift-Hahnenfuß Wetenschappelijk: Ranunculus sceleratus Familie: Ranonkelfamilie, Ranunculaceae Beschrijving Afmeting: 5 tot 70 cm. Levensduur: Eenjarig. Bloeimaanden: Mei t/m oktober. Stengels: De rechtopstaande, dikke stengels zijn bleekgroen, gegroefd, vrijwel kaal, iets glanzend, vlezig en hol van binnen. De bloemstelen zijn gegroefd. Bladeren: De dikke, glanzend groene bladeren zijn in drieën gedeeld. Ze zijn getand tot diep ingesneden. De bovenste bladeren hebben 3 slippen en zijn niet gesteeld. Onder water groeiende planten hebben grote drijvende bladen. Deze planten bloeien vaak niet. Bloemen: De bloemen vormen vertakte kluwens. Ze zijn lichtgeel en 0,5 tot 1 cm groot. De kelkbladen vallen spoedig af. Ze zijn iets teruggeslagen en ongeveer even groot als de kroonbladen. De bloembodem is meestal behaard. Vruchten: Het vruchthoofdje is rond tot iets langwerpig en 0,6 tot 1 cm lang. Het bevat tot 60 of meer, ongeveer 1 mm grote, vrijwel niet gesnavelde vruchten. Soms hebben ze een korte, stompe snavel. Biotoop Bodem: Zonnige, soms licht beschaduwde, open plaatsen op natte, voedselrijke, met name stikstofrijke, zuurstofarme grond Soms in het water. Ook in zwak brak milieu (alle grondsoorten). Groeiplaatsen: Waterkanten (langs sloten, ondiepe plassen en andere modderige oevers), duinen (langs duinplassen), moerassen, in goten, in de voegen van bestrating, langs spoorwegen (spoorwegterreinen), opgespoten grond, baggerstortterreinen, nieuwe greppels, moestuinen en op kale net drooggevallen grond in moerasbossen. Verspreiding Wereld
 Gematigde streken op het noordelijk halfrond. Nederland
 Algemeen, maar vrij zeldzaam op de Veluwe. Vlaanderen: Algemeen in het kustgebied, in Vlaanderen en in de Kempen. Elders zeldzaam. Rode lijst. Niet bedreigd. Wallonië: Vrij algemeen in Brabant. Elders zeldzaam. Wetenswaardigheden De buisvormige stengel vergemakkelijkt de zuurstoftoevoer naar de wortels, die in zeer zuurstofarme omstandigheden moeten groeien. Blaartrekkende boterbloem is, evenals alle boterbloemen, giftig door de aanwezigheid van de stof protoanemonine. Deze plant is de giftigste boterbloem en heeft een gehalte van 2,5% aan protoanemonine. Wanneer de bladeren gekreukt, beschadigd of vermalen worden, veroorzaken ze op de menselijke huid lelijke zweren en blaren. Het blaartrekkende sap veroorzaakt eveneens ontstekingen. De plant wordt in Duitsland dan ook Gift-Hahnenfuss genoemd. Bedelaars wreven hun huid ermee in, opdat het medelijden van de burgers werd vergroot. Omdat het gebruik van de plant tot aangezichtskrampen kan leiden en de bladeren wel wat op die van bleekselderij lijken, droeg zij in de oude kruidboeken de naam Apium risus (lachselderij). De korte levenscyclus geeft Blaartrekkende boterbloem een voorsprong op andere pioniers van dezelfde standplaatsen: de nakomelingen van één vroeg in de zomer bloeiende plant kan nog dezelfde zomer een flinke oppervlakte bedekken. |