| Namen Nederlands: Bergvenkel English: Spignel Français: Fenouil des Alpes Deutsch: Bärwurz Wetenschappelijk: Meum athamanticum Familie: Schermbloemenfamilie, Apiaceae Beschrijving Afmeting: 20 tot 60 cm. Levensduur: Overblijvend. Bloeimaanden: Juni en juli. Stengels: De gestreepte stengels zijn kaal. De stengelvoet wordt omgeven door vezelige bladrestanten. Bladeren: De aromatische bladeren zijn kaal, meestal grondstandig en 3- tot 4-voudig geveerd met dicht opeenstaande, korte, tot 0,5 cm lange, lijnvormige bladslippen. Bloemen: De bloemen groeien in schermen met 3 tot 15 stralen. Ze zijn wit of geelachtig, soms roze aangelopen en 2 tot 3 mm groot. Er zijn 0, 1 of 2 omwindselblaadjes. Vruchten: De langwerpige tot eivormige vrucht is 0,4 tot 1 cm lang en heeft dikke ribben. Biotoop Bodem: Zonnige plaatsen op vochtige, vrij zure tot kalkrijke grond. Groeiplaatsen: Weiland (bergweiden en ruig grasland), heide, rotsen en puinhellingen. Verspreiding Wereld
 Bergstreken in Midden- en West-Europa. Ingeburgerd in het zuiden van Noorwegen. Nederland: Niet in Nederland. Vlaanderen: Niet in Vlaanderen. Wallonië
 Vrij zeldzaam in de Hoge Ardennen (Hoge Venen). Elders zeer zeldzaam. Rode lijst. Niet bedreigd. Wetenswaardigheden De plant is rijk aan etherische oliën en ruikt sterk naar peentjes. Daarom werd ze lang als medicinaal middel gebruikt. |