Namen Nederlands: Akkerviooltje Frysk: Lyts fioeltsje English: Field Pansy (European Field Pansy, Field Violet, Wild Pansy) Français: Pensée des champs Deutsch: Ackerstiefmütterchen (Ackerveilchen) Wetenschappelijk: Viola arvensis (Viola tricolor subsp. arvensis) Familie: Viooltjesfamilie, Violaceae Beschrijving Afmeting: 5 tot 40 cm. Levensduur: Eenjarig. Bloeimaanden: April t/m oktober. Wortels: De plant heeft geen wortelstok en geen uitlopers. Stengels: De meestal rechtopstaande stengels zijn niet vertakt of alleen aan de voet vertakt. Bladeren: De onderste bladeren zijn vrijwel rond. De bovenste zijn langwerpig, meestal boven het midden het breedst en stomp getand. De steunblaadjes zijn grof veerlobbig met een groot eindblaadje. Bloemen: De 1 tot 1,5 cm grote bloemen zijn gelig wit, naar de voet zijn ze donkerder geel. De top van de bovenste kroonbladen is soms diep blauwpaars. De kroonbladen zijn vaak ongeveer even lang als de kelkbladen. De spoor is kort (ongeveer even lang als de kelkaanhangsels). Vruchten: De éénhokkige doosvruchten springen met 3 kleppen open. Bij het openspringen worden de zaden weggeslingerd. De zaden hebben een oliehoudend aanhangsel (mierenbroodje) die de mieren graag lusten. Hierdoor vindt ook verspreiding plaats. Biotoop Bodem: Zonnige, open, vochtige tot droge, matig voedselrijke, vrij kalkarme tot vrij kalkrijke grond (zand, leem, löss en stenige plaatsen). Groeiplaatsen: Akkers (graanakkers), open plekken in bermen, ruderale plaatsen, puinhopen, tuinen, braakliggende grond, langs spoorwegen en op spoorwegterreinen, plantsoenen en in de voegen van bestrating. Verspreiding Wereld
 In Europa, West-Siberië, Noordwest-Afrika en Noord-Amerika. Nu ook in Australië en Nieuw-Zeeland. Nederland
 Algemeen, maar vrij zeldzaam in Zeeland, in laagveengebieden, in het noordelijk zeekleigebied en in Flevoland. Vlaanderen: Vrij algemeen, maar vrij zeldzaam iin het kustgebied. Wallonië: Vrij algemeen, maar vrij zeldzaam in de Hoge Ardennen. Wetenswaardigheden Als zelfbestuiver vormt Akkerviooltje gemakkelijk een zuivere lijn, waardoor aanpassingen aan het groeien tussen bepaalde gewassen in enkele jaren op een groot aantal nakomelingen worden overgedragen. Zo groeien in Duitsland de planten plaatselijk boven het graan uit. 
© 2001-2012 Klaas Dijkstra |